Kwaad wint als goede mensen niets doen

Grenzen zijn de basis van veiligheid

We leven in een onwerkelijke wereld van onvoorspelbare gekte, ontwrichtende conflicten en ontspoorde leiders. We voelen ons onmachtig als figuranten in een slechte film. Maar wat er gebeurt op het wereldtoneel verschilt in de kern niet veel van wangedrag om ons heen. Op straat, in de buurt, of op het werk: de pestkop op het schoolplein, de dader van huiselijk geweld, de hufter op straat of de bully in de boardroom.

Macht of kracht?

Het patroon is hetzelfde: daders die macht misbruiken en grenzen steeds verder oprekken. Ze voelen zich groot door te kleineren, ze stijgen door anderen omlaag te halen en wanen zich onaantastbaar door mensen te kwetsen. Hoe verder ze hun gang mogen gaan, hoe gekker, grover en gewelddadiger ze worden. Het giftige mechanisme van macht, misbruik en misleiding houdt zichzelf in stand in een cirkel van afhankelijkheid, agressie en angst.

Vaak worden de geweldaders toegejuicht door volgers met een grote mond, die mooi praten of meedoen. Ze schreeuwen dat het ergens wel terecht is; dat het slachtoffer aanleiding gaf, dat niet de daders maar de ‘deugers’ het probleem zijn. Vaak zijn ze te boos of te blind om kritisch naar zichzelf en de werkelijkheid te kijken en hebben een belang bij het handhaven van de ongezonde situatie.

En altijd zijn er de laffe slippendragers die met hun slappe knieën weglopen, wegkijken of wegwuiven. Ze vinden dat zij geen verantwoordelijkheid dragen, noemen het een probleem tussen dader en slachtoffer, hebben er belang bij dat de bully in positie blijft of doen aan vleierij in de hoop dat zij zelf ontzien worden en het gif iets kunnen sussen of sugercoaten. Te slap om hun rug te rechten. Te zwak om een streep te trekken.

(Machts)misbruik houdt pas op als er een duidelijk grens wordt getrokken én gehandhaafd. Tot hier en niet verder! Een ‘halt’ van mensen met een scherpe blik en een rechte rug. De mensen die opstaan wanneer het ongemakkelijk wordt en zeggen: ‘Dit gaat te ver, we tolereren dit niet langer, het stopt hier!’.  Echt leiders wachten niet tot een ander het oplost of het vanzelf ophoudt. Sterke leiders stellen duidelijke grenzen want misbruik stopt pas bij een krachtige ‘nee’.

Dan komt de vraag die niemand graag hardop stelt, maar die wel gesteld móét worden. Niet aan de wereld, maar aan jezelf. ‘Grote mond, slappe knieën of rechte rug’? Tot welke groep hoor jij als het erop aankomt?