Groei begint waar het oude knelt

Wat je hier bracht, brengt je niet verder

Misschien heb je deze zomer wel ergens op het strand een krab gezien. Wat je echter zelden ziet is hoe zo’n krab groeit. Om te kunnen groeien moet een krab daarvoor namelijk uit zijn eigen pantser breken. Dat geeft stress en onzekerheid, dus verstoppen krabben zich tijdens dat proces van ‘opschalen’. Het harde schild dat eerst bescherming bood, wordt te klein. De krab vervelt, is tijdelijk kwetsbaar en ontwikkelt vervolgens een nieuw en ruimer pantser.

Vervellend!

Met organisaties werkt het eigenlijk net zo. Structuren, werkwijzen en leiderschap dat jarenlang goed heeft gewerkt, kunnen door groei ineens gaan knellen. De organisatie past niet meer in haar oude vorm. Er ontstaat onrust, verlies van overzicht en soms zelfs een gevoel van crisis.

Dat is de kern van het groeimodel van Greiner. Gezonde groei verloopt in fasen en iedere fase vraagt om een andere manier van organiseren en leidinggeven. Elke volgende stap eindigt uiteindelijk met een nieuwe groeicrisis die vraagt om een volgende stap.

Dat roept vragen op als:

  • Hebben we nog de juiste mensen en het juiste potentieel?
  • Welke kwaliteit en professionaliteit moeten we toevoegen?
  • Welke leiderschap hebben we nodig in de volgende fase?
  • Werken onze teams effectief samen?
  • Past ons werkgeverschap en HR-beleid nog?
  • Kan de DGA de volgende stap maken en is de continuïteit geborgd?

Een groeicrisis is daarmee niet persé een probleem. Het is juist het bewijs dat de organisatie toe is aan een volgende stap. Net als bij de krab zit de uitdaging vooral in het tijdig herkennen dat het oude pantser te klein is geworden. En vervolgens bepalen wat nodig is om verder te kunnen groeien. Van analyse naar actie, of…. van vervellen naar versterken!