Het vraagt zelfvertrouwen om onzeker te durven zijn

Tussen twijfel en trots zit één sprong

En daar stond je dan. Helemaal boven. Op het randje. De zon brandde op je schouders. Je tenen krulden over de rand van de plank. Het leek wel alsof je vanuit een ruimteschip naar de aarde keek: in een eindeloze, blauwe zee die ergens ver onder je lag. Het water schitterde fris en verleidelijk, maar leek ook angstaanjagend diep.

Het 'hoge-duikplank-momentje'

Even overwoog je om het toch maar niet te doen. Je keek weifelend achterom. Een trap vol bibberende kinderen, natte haren in hun gezicht en alle blikken op jou gericht. ‘’Ga dan. Doe het! Of durf je niet?’’  Dat hielp natuurlijk niet echt, maar een ‘walk of shame’ langs al die kinderen naar beneden? Dat nooit! Dus nam je die aanloop en sprong de diepte in…

Soms, als je weer iets spannends moet doen zoals een presentatie geven, iemand aanspreken, iets nieuws proberen, dan voel je datzelfde gevoel opkomen. Die twijfel. Dat stemmetje in je hoofd dat zegt: ‘’Misschien kan ik dit niet. Straks gaat het mis. Waarom wil ik dit?’’ Wat dan helpt is om even terug te gaan naar dat momentje op de duikplank. Naar dat gevoel van bibberen op het randje. Naar de aarzeling, het twijfelen, afhaken of het gewoon doen?

Je sprong! Even werd je de adem ontnomen, maar het voelde als een overwinning. Je had het gedaan! Niet omdat je geen angst voelde, maar omdat je niet accepteerde dat die angst beslissingen voor jou ging nemen. Zelfvertrouwen is niet dat je altijd zeker weet dat je alles kunt. Het is dat je jezelf vertelt dat je het gewoon gaat doen. Dat het spannend is en dat je kunt falen, maar dat je jezelf al vaker hebt verbaasd, toen je besloot iets te doen wat je eigenlijk doodeng vond.

Dat is moed! Niet de afwezigheid van angst, maar het lef om toch te springen. Vaak buj’ te bange. Moed begint op het randje, nét voordat je springt. Zelfvertrouwen groeit elke keer als je iets doet wat je spannend vindt. We wensen je een adembenemende zomer.